Camelia-Römer eist duidelijkheid over vervolg OM-onderzoek naar Silvania

WILLEMSTAD – Statenlid Suzy Camelia-Römer van MAN-PIN wil weten wat het Openbaar Ministerie gaat doen met het al sinds 2024 lopende feitenonderzoek naar voormalig minister van Financiën Javier Silvania. Nu de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan over de gevolgen van Silvania’s Facebookbericht over oude belastingschulden, vraagt zij of het OM aanleiding ziet voor een strafrechtelijk onderzoek en vervolging wegens een mogelijk ambtsmisdrijf.
Camelia-Römer heeft hierover vijftien schriftelijke vragen aan Hato gesteld. Zij verwijst naar artikel 2:344 van het Wetboek van Strafrecht, dat betrekking heeft op ambtsmisdrijven waardoor de overheid financieel kan worden benadeeld.
Silvania maakte als minister via Facebook bekend dat openstaande belastingaanslagen over 2017 en eerdere jaren zouden worden ‘gecanceld’. De Landsontvanger stelde vervolgens voor ruim 3,2 miljard gulden aan oude schulden buiten invordering. Volgens eerdere verklaringen van de regering was daarvan naar schatting ongeveer 750 miljoen gulden daadwerkelijk invorderbaar.
Camelia-Römer stelt dat door het besluit ook lopende betalingsregelingen werden beëindigd. Daarmee zou volgens haar jaarlijks tussen de 120 en 140 miljoen gulden aan inkomsten zijn veiliggesteld. In één concrete belastingzaak zou het Land ongeveer één miljoen gulden zijn misgelopen. Deze bedragen en de mogelijke strafbaarheid zijn nog niet door een strafrechter vastgesteld.
Het Openbaar Ministerie begon eerder al een feitenonderzoek naar de instructie van Silvania. Dat onderzoek werd in december 2024 bekend. Volgens Camelia-Römer bevestigde het OM in 2025 dat het onderzoek nog liep en dat werd gewacht op een uitspraak van de Hoge Raad.
Die uitspraak volgde op 10 juli. De zaak ging over een onderneming die zich bij de belastingrechter beriep op de openbare mededelingen van Silvania. De Hoge Raad vernietigde de eerdere uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof in het belang van de wet.
De Hoge Raad sprak zich daarbij niet uit over de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van Silvania. Volgens Camelia-Römer maakt de uitspraak wel duidelijk dat openbare mededelingen van een minister grote gevolgen kunnen hebben voor de juridische positie van belastingplichtigen en voor de overheidsfinanciën.
Het Statenlid wil daarom weten wat het OM nu met het feitenonderzoek gaat doen. Ook vraagt zij of Curaçao algemeen vervolgingsbeleid kent voor ambtsmisdrijven en corruptie en of de minister daarover instructies aan het OM heeft gegeven.
Daarnaast verlangt Camelia-Römer duidelijkheid over de manier waarop het OM het publiek informeert over onderzoeken met een grote maatschappelijke en financiële impact. Minister Hato heeft de vragen nog niet beantwoord. Ook het OM heeft nog niet bekendgemaakt of het feitenonderzoek wordt beëindigd, wordt voortgezet als strafrechtelijk onderzoek of tot vervolging leidt.





































